Manuscript-in-wording

Geplaatst op 19 april 2011

Mijn manuscript nadert zijn voltooiing. Maar ja, dat roep ik al een jaar… Na nóg weer een herschrijfronde waarbij ik het vertelperspectief gewijzigd heb en het manuscript bovendien omgezet heb naar de verleden tijd, ga ik de komende tijd maar eens aan de slag met een printversie van het manuscript om er met een frisse blik naar te kunnen kijken.

Actueel thema

Mijn manuscript beschrijft het verhaal van Marjan Witteman in drie perioden van haar leven: kindertijd, studietijd en volwassen leven, met als centraal thema: het zoeken naar erkenning. Marjans, op momenten haast onstilbare, behoefte aan erkenning is voor een belangrijk deel het gevolg van seksueel misbruik door haar muziekleraar, van wie ze wekelijks van haar achtste tot haar zeventiende accordeon- en later orgelles krijgt. Mijn roman raakt dus aan een actueel thema, en maakt vanuit kind- en volwassenenperspectief duidelijk wat seksueel misbruik met iemand doet.

Voorlopige titel

Nogal wat mensen hebben me inmiddels naar de titel van mijn boek gevraagd. Eerlijk gezegd weet ik dat nog niet. Ik heb daar wel ideeën over, maar vind het lastig te besluiten wat nu de beste titel is.

Om me niet vast te leggen, houd ik het dus op een voorlopige titel: ‘De step, de accordeon en het meisje.’ Of dit de definitieve titel wordt? Daar ben ik nog niet over uit. Hoewel ik de titel mooi beeldend vind,  is er ook een duidelijk nadeel: hij is wel erg lang.

Fragment uit mijn manuscript

Hierna uit het middendeel van mijn boek, een scène die gaat over het contact tussen Marjan, dan 12 jaar, en haar muziekleraar, Oom Aad.

‘Hij is echt een stuk zwaarder,’ deelde ze oom Aad mee toen hij de accordeonkoffer van haar  overnam, nadat ze deze net over de drempel had getild.
‘Dat is zo. Ik heb ook nooit het tegendeel beweerd,’ lachte oom Aad. ‘Maar jij wilde niet wachten.’
‘In dat andere boek stikt het van de stomme liedjes. Trouwens Ruben en Theo hebben ook nooit uit dat andere boek gespeeld.’
‘Dat is waar.’
‘Nou dan.’ Vergenoegd haalde ze haar gelijk. ‘Hé, er hangt een nieuwe foto,’ merkte ze op, toen ze de nieuwe foto met oom Aad mondharmonicaspelend te midden van vier andere bandleden gewaarwerd. ‘Van uw vijfentwintigjarig huwelijksfeest,’ snapte ze vanwege het nette pak dat oom Aad droeg, zijn stropdas en de rode roos als corsage.
Nieuwsgierig liep ze naar de foto toe. Oom Aad volgde haar.
‘Inderdaad. Jammer dat jij er niet was.’ Oom Aad trok haar even naar zich toe.
‘Een feest is leuker dan ziek zijn,’ zei ze. ‘Hé, u hebt op uw eigen feest gespeeld.’ Ze wees op de foto en zette een stap opzij, weg van oom Aad.
‘Niet de hele tijd, hoor. Dat zou tante Wanda niet goed gevonden hebben, maar een paar nummers, dat moest kunnen vond ik.’ Terug was oom Aads hand, ditmaal op haar andere schouder. Hij gaf er een kneepje in.
‘U speelt graag muziek, hè?’
‘Hm. Music was my first love,’ antwoordde oom Aad. Nog weer gaf hij een kneepje in haar  schouders.
‘Dat is toch een bekend popnummer?’ Nog voor oom Aad het bevestigde, wist ze het zeker. ‘Ruben heeft het opgenomen met zijn bandrecorder toen de top 100 aller tijden uitgezonden werd.’ Ze bewoog haar schouders, wilde oom Aads hand lozen. Toen dat niet lukte, veegde ze abrupt oom Aads hand van haar schouders. ‘Mooi nummer vind ik,’ praatte ze snel verder. ‘Ik ken eigenlijk geen andere nummers van hem, misschien heeft hij ze ook niet, maar dit vind ik in ieder geval mooi.’
‘Helemaal met je eens.’ Even viel oom Aad stil. ‘Music was my first love,’ zei hij. Opnieuw viel hij stil. ‘En tante Wanda was mijn tweede liefde.’
‘Vijfentwintig jaar is wel lang.’ Lukraak vlogen de woorden haar mond uit.
Té lukraak, haar woorden bereikten hem niet.
‘En jij mijn derde.’
Terug was oom Aad naast haar. Zó nabij dat het haar verstoorde en ze hem aankeek, ook al wilde ze dat niet.
‘Je weet toch dat je een bijzonder plekje bij me inneemt?’ De maaiende beweging die Oom Aad  met zijn arm maakte, Marjan doorzag direct de bedoeling, brak zijn manoeuvre af nog voor hij die goed en wel begonnen was.
‘Níét doen!’ zei ze vinnig.
‘Mag ik niet aan je borstjes zitten?’
Zijn vraag, wat kon ze erover zeggen? Wat kon ze zeggen over zijn eindeloos vragen: waarom niet, weet je wel dat het gevoelig is daar, maar zeg me nou eens waarom niet. Mag ik je niet overtuigen? Ze kan er slechts dit over zeggen: dat er haar schijtluizerige antwoord was: haar antwoord dat ze het niet wou – antwoord dat ontoereikend was, omdat ze nooit meer wist uit te brengen dan dat ze het niet wou.
Haar antwoord; dit had haar antwoord moeten zijn: Lazer op, man! Houd je bek! Blijf met je poten van me af!

11 reacties op Manuscript-in-wording

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.